De prestigieuze Polar Music Prize gaat dit jaar naar het Afghaanse nationale instituut van muziek en naar de Amerikaanse metalgroep Metallica. De laureaten krijgen elk een miljoen kronen (101.000 euro) tijdens een gala in Stockholm op 14 juni, in aanwezigheid van de koning Karel XVI Gustaaf van Zweden.

In het Afghaanse instituut ontstond het eerste volledige vrouwelijke orkest in het land. Het instituut, ANIM, steunt weeskinderen, straatkinderen en jonge meisjes door hen les te geven als muzikanten en zangers. Het instituut is opgericht in 2010 door Ahmad Sarmast en krijgt steun van de Wereldbank en internationale geldschieters. Ahmad Sarmast, een muzikoloog en trompetspeler, ontsnapte in 2014 in Kaboel nog aan een zelfmoordaanslag. Hij zei "heel gelukkig en vereerd" te zijn met de prijs.

Metallica is dan weer een van de meest invloedrijke groepen uit de heavy metal. De drummer van de groep, Lars Ulrich, noemde de prijs een "grote erkenning van alles wat Metallica de afgelopen 35 jaar heeft gedaan".

"We denken dat onze twee laureaten, die uit heel verschillende werelden komen, de missie van de Polar Music Prize illustreren, die erin bestaat musici en muzikale organisaties te eren die het spel veranderen", aldus Marie Ledin, algemeen directrice van de prijs.

De Polar Music Prize is opgericht in 1989 door Stig Anderson, die de manager van de Zweedse groep ABBA was. De prijs bekroont elk jaar twee laureaten. De prijs heeft als doel "de muzikale grenzen te breken en mensen uit verschillende muziekwerelden te verenigen".